Een aantal van onze projecten worden mede ondersteund door:
  

Logo_OVL_BL_3Q

logorissmall


Goededoelen.be 1


Ananda vzw

Ninovesteenweg 93
9320 Erembodegem

 

Al vroeg zijn we op de baan. De afstand die we moeten afleggen is niet echt groot maar de vele wegenwerken bemoeilijken de reis. De chauffeur en begeleider moeten meermaals de weg vragen.

Aruppukottai is een stad in het arrondissement Virudhunagar, in de deelstaat Tamil Nadu, op 48 km van Madurai. De kleine dorpen, gelegen rond Aruppukottai, zijn gekend voor de productie van jasmijn. De heerlijk geurende jasmijnbloemen worden gebruikt als aromamiddel in jasmijnthee, er worden ook olies uit gewonnen voor parfums. Voor Boeddhisten en Hindoes staan de bloemen symbool voor reinheid, daarom worden ze ook veel gebruikt als offergave. Indiase vrouwen en meisjes versieren hun haar met de geurige jasmijnbloemen. Bezoekers worden dikwijls geëerd met dikke overladen kransen met jasmijnbloemen. Aruppukottai zelf is gekend voor de productie van garen. De stad telt meer dan 87 000 inwoners. Meer dan 91 % van de bevolking is hindoe, ongeveer 7 % is moslim en ongeveer 2 % van hen zijn christenen. Verder zijn er nog kleine groepen die een andere religie aanhangen.

Aruppukottai heeft een droog en heet klimaat. In de zomer kan de temperatuur oplopen tot 40° en meer. Gedurende de winter heerst er een temperatuur tussen 18 en 30°. Het regenseizoen duurt van oktober tot december. Jaarlijks valt er gemiddeld zo’n 70 cm regen, al kan dat sterk variëren van jaar tot jaar.

De stad fungeert als een centrum van onderwijs en economie voor de omliggende dorpen en vertoont een grote bedrijvigheid en een groot aantal scholen. Er heerst veel competitie tussen de scholen voor de beste resultaten van hun studenten in de staatsexamens. Voor de armen in de stad en de omgeving is het niet evident hun kinderen naar school te sturen.

Na een lange busrit komen we aan bij het St. Joseph’s Carmel convent in Aruppukottai. Sr. Jessy, overste van het klooster en tevens directrice van de school, staat ons met enkele medezusters reeds op te wachten.

Het klooster behoort tot de Spaanse congregatie van de karmelietessen van zuster Theresia. Het apostolaat van de congregatie is onderricht, sociaal werk in missiegebied, beheren van hospitalen. De zusters beheren ook scholen en tehuizen voor meisjes, ze organiseren sociaal werk, geven opleiding, afgestemd op de noden, aan arme vrouwen zodat ze in een inkomen kunnen voorzien.

De school is nog relatief jong. In 1989 opgericht als kleuter- en lagere school is ze op dit ogenblik opgewaardeerd tot hogeschool, met ongeveer 600 leerlingen. De leerkrachten en staf zijn voornamelijk hindoe. De leerlingen en studenten zijn hindoe, moslim, christen.

Wanneer we uitstappen, krijgen we een warm welkom. Enkele kleuters reiken ons een ruikertje bloemen aan. Naast het klooster merken we een mooie tuin waarin enkele prachtige vlinders van bloem tot bloem fladderen. Voor het klooster is een nieuwe grote baan aangelegd. Ze snijdt dit gedeelte van de woonomgeving doormidden. Zuster Jessy vertelt dat de parochiekerk bezoeken een grote omweg betekent. Dit verhaal krijgt later nog een staartje.

De zusters dragen nog het klassieke habijt van de karmelietessen: donkere kloosterkledij met kap, in polyester. Het is duidelijk te merken dat ze het heel warm hebben. Op onze vraag of ze niet liever, zoals andere kloosterorden in India, overschakelen op een saree is het antwoord overduidelijk: het moederhuis in Spanje wil het niet.

Zuster Jessy neemt ons mee naar de school, naast het kloostergebouw. De lessen zijn overal aan de gang, één groep krijgt les op een overdekte overloop. De kinderen kijken ons nieuwsgierig aan. De “speelplaats” is een onverharde open ruimte met hier en daar een struik. De school is nog in volle expansie, getuige daarvan de bouw van nieuwe lokalen. Voorbij de ruwbouw houdt de zuster halt bij een gemetseld vierkant. Hieronder zit de waterput, van waaruit het water naar vier watertanks wordt opgepompt. Deze boorput werd door Ananda gesponsord. Vroeger had de school geen eigen voorziening: het water moest door leerlingen zo’n 300 m buiten de school gehaald worden. Bovendien was de watervoorziening door de gemeente niet altijd verzekerd. Nu beschikt de school over voldoende water voor de leerkrachten, staf en leerlingen.

Op het verste gedeelte van de open ruimte zien we de toiletten. En daar blijkt iets mee aan de hand. De stad is in volle expansie. Er worden voortdurend nieuwe wegen aangelegd. De grootte van de stad en de nabijheid van Madurai spelen daar uiteraard een grote rol in. Voor de bouw is plaats nodig, en gewone mensen hebben geen verweer. Een groot deel van de schoolgrond blijkt onteigend te zijn voor de aanleg van een nieuwe baan. De toiletten zullen over 4 maand afgebroken worden. Vermits elke school nu echter voor toiletten moet instaan, is er werk aan de winkel: in 6 maand moeten er nieuwe toiletten geplaatst worden.

Terwijl zuster Jessy ons het verhaal doet, gaat de bel. In rijen komen de kinderen buiten. De eerste halte is het toilet. Alle kinderen dragen rond hun nek een lint waaraan een kaartje met hun gegevens op. We zien het leerlingen bij ons nog niet doen. Sommige meisjes en jongens kijken argwanend naar ons. We vragen ons af of ze al blanken ontmoet hebben. Wanneer we naar hen zwaaien, breekt een lach door op hun gezicht. Opnieuw verrassen ons de vele mooie gezichten van de Indiase jongens en meisjes. De meisjes dragen hun haar in twee vlechten, meestal versierd met jasmijn.

Zuster Jessy leidt ons naar binnen voor een ontmoeting met de leerkrachten. Zij zijn even nieuwsgierig naar ons als wij naar hen. Gelukkig kunnen we toch een beetje in het Engels praten met elkaar. De leraressen en staf willen weten waar we vandaan komen en wat we doen. François, onze voorzitter, haalt zijn wereldkaart boven. Op hun beurt vertellen zij wat hun taak is op school. De leerkrachten worden betaald door de zusters. De kinderen krijgen les in Tamil of Hindi. Er worden ook lessen in het Engels gegeven.

Na ons gesprek krijgen we een maaltijd aangeboden door de zusters. Ondertussen vertellen de zusters verder over hun werk. Ze maken indruk op ons. Het zijn stuk voor stuk krachtige zusters die weten wat ze willen.

Daarna nemen we afscheid van de zusters. Hopelijk ontmoeten we elkaar weer op een volgende projectenreis?

projectenreis 2015 20170410 2087907117